Niets staat stil en de tijd tikt door als een metronoom. Er komen nieuwe muzikanten bij met nieuwe ideeën, nieuwe plug-ins en nieuwe instrumenten. Ook de technologie blijft zich ontwikkelen, waardoor elke kleine bedroom-popartiest plotseling een hele catalogus naar Spotify kan uploaden. Sommige van die artiesten worden zelfs opgepikt door grote platenlabels en betalen uiteindelijk hun hypotheek met hun royalty's (in de onsterfelijke woorden van Connor Price: "Vroeger zei ik dat ik niet om dollartekens gaf, nu betaal ik mijn hypotheek met Spotify"). Het zal je misschien verbazen, maar ook de wet staat niet stil. Daarom vertellen we je in deze column over een belangrijke ontwikkeling in het muziekrecht.
Juridische keynotes | 01
Algemene onenigheid
Er gaat niets boven een contract! Een gezonde relatie tussen jou en je uitgever, platenlabel en manager is essentieel voor je gemoedsrust. Een gespannen relatie laat sporen na op je carrière, en niets zorgt voor meer spanning dan geld. Daarom hebben drie artiesten, Henk Westbroek, Arriën Molema (Room Eleven) en Marinus de Goederen (een balladezanger), hun zaak voor de rechter gebracht. Hun klacht? In hun platencontracten stond niets vermeld over inkomsten uit streams en downloads.
Tegenwoordig is het bijna ondenkbaar dat iets niet verbonden is met streams en downloads (ik ben bijna zover dat ik elke ochtend een kopje koffie download). Veel platencontracten zijn getekend in een tijd dat streaming nog niet bestond. Dit zorgt natuurlijk voor veel hoofdbrekens bij alle partijen: wat moeten we nu doen? Moeten we opnieuw onderhandelen? Een standaardtarief invoeren voor al onze artiesten? Waar inkomsten stromen, ontstaan scheuren.
Universal koos voor de laatste optie. De drie artiesten ontvingen een standaarddeel van de streamingroyalty's, gebaseerd op de vergoeding voor reproductierechten (beter bekend als 'mechanische rechten'). Deze vergoeding is gebaseerd op een clausule waarin het tarief voor 'andere exploitatie' is vastgelegd. De artiesten waren het hier niet mee eens: zij waren van mening dat er een ander tarief moest gelden en dat de contracten verkeerd werden geïnterpreteerd. Spoiler alert: de rechtbank oordeelde tegen de artiesten.
Er zijn nogal wat juridische complexiteiten verbonden aan deze uitspraak. Het is bijvoorbeeld niet helemaal duidelijk hoe streaming moet worden geclassificeerd (is het een licentie? Is het mechanisch?). Wat wel duidelijk is, is dat de rechtbank geen uitspraak wil doen over dit punt. Er wordt al jaren gelobbyd en gedebatteerd over de precieze kwalificatie van streams, en een definitieve uitspraak zou grote gevolgen hebben voor de praktijk. Maar die kwestie staat los van de vraag of het contract correct is toegepast. Op dit punt hebben de artiesten geen gelijk gekregen. Op basis van wat de maker wist, had kunnen weten of had kunnen verwachten op het moment van ondertekening, was het contract niet onredelijk belastend en werd het niet onjuist toegepast. De artiesten voerden ook aan dat ze niet meer optreden en daardoor meer afhankelijk zijn geworden van streaming.
Bij het behandelen van dit soort contracten kijkt de rechtbank zorgvuldig naar de positie van de artiest, waarbij alle relevante omstandigheden worden afgewogen en wordt geredeneerd vanuit wat eerlijk en redelijk is. Het lijkt misschien niet altijd zo, maar rechters houden wel degelijk rekening met de kwetsbare positie van artiesten, die vaak de zwakkere partij zijn. We zagen iets soortgelijks niet zo lang geleden in de zaak Martin Garrix. In deze zaak concludeerde de rechtbank dat het contract niet verkeerd was geïnterpreteerd en dat de vergoeding niet onredelijk was. Hoewel de partijen geen expliciete afspraak hadden gemaakt over streaming, was de overeenkomst op het moment van ondertekening niet onredelijk. Het streamingtarief dat de artiesten ontvangen, is ook in overeenstemming met de marktnormen. Dus hoewel de artiesten niet noodzakelijkerwijs profiteren van deze tarieven, worden ze er ook niet door benadeeld. Het feit dat de artiesten vandaag de dag misschien een sterkere onderhandelingspositie hebben en wellicht een betere deal zouden kunnen bedingen, verandert niets aan het feit dat de deal, met de kennis die op dat moment beschikbaar was, een eerlijke deal was.
Dit brengt een aantal belangrijke lessen aan het licht: contracten worden niet beoordeeld op basis van de huidige omstandigheden, maar op basis van de normen die golden op het moment van onderhandeling en ondertekening (er zijn natuurlijk uitzonderingen).
Wat hebben we geleerd?
- Een nieuwe exploitatietechniek in het verschiet kan een goede reden zijn om uw manager te bellen en te vragen of het tijd is om opnieuw te onderhandelen.
- Het feit dat een kunstenaar als de zwakkere partij wordt beschouwd, betekent niet dat elke zaak in uw voordeel zal uitvallen.
- Contracten worden (bijna) altijd beoordeeld op basis van wat van toepassing was op het moment van ondertekening, niet op basis van hoe de situatie er vandaag uitziet.
Link: Universal hoeft royalty's aan drie artiesten niet te verhogen (Nederlands)
Bedankt voor het lezen van dit artikel! De juridische nuances zijn veel complexer en passen helaas niet allemaal in dit artikel, maar gelukkig zijn er scherpzinnige juridische experts voor. Vragen? Opmerkingen? Paniek? Stuur ze naar mij: [email protected]

